VS - Miguel en Rosa Hernández wonen in Chiapas, een van de armste staten van Mexico. Hun huis is donker; de enige verlichte ruimte is een altaar met een kaars en de zwartomrande foto...

van hun zoon Alfredo. Twee jaar geleden vertrok Alfredo illegaal naar de VS op zoek naar werk. Hij belde dagelijks met zijn ouders in het tzotzil, hun inheemse taal, en stuurde geld. Na het aantreden van Trump werd zijn leven als illegale migrant moeilijker uit angst voor de migratiepolitie ICE. Op een dag stopten de telefoontjes. De ouders kregen bericht dat Alfredo was overleden onder verdachte omstandigheden, mogelijk bij een arrestatie door ICE. Voor niet-Spaanstalige, arme families ver weg in de bergen is het vrijwel onmogelijk om gerechtigheid te krijgen. Het duurde weken voordat Alfredo's lichaam werd teruggestuurd. Zonder goede autopsie begroeven ze hem; zijn lichaam zat volgens hen vol blauwe plekken en botbreuken. Sinds Trumps aantreden zijn zeker 48 migranten omgekomen in ICE-detentiecentra, van wie zestien Mexicaans. Vaak wordt "zelfdoding" of "gebrek aan medische zorg" opgegeven, maar Mexico betwijfelt die lezing en wijst op mogelijk geweld. Oud-migratieambtenaar Tonatiuh Guillén López stelt dat veel slachtoffers uit Chiapas komen, wat wijst op raciale en culturele profilering tegen inheemse gemeenschappen. Miguel en Rosa blijven achter zonder antwoorden. "Niemand vertelt ons iets", zegt Miguel. Iedere dag steekt Rosa een kaars aan bij het altaar. Op gerechtigheid rekenen ze niet meer. (NOS)