PARAMARIBO – Het Centrum voor Landbouwkundig Onderzoek in Suriname (Celos) wordt de laatste decennia geconfronteerd met een tekort aan landbouwonderzoekers. De landbouwsector wordt als minder...

aantrekkelijk ervaren. Jongeren hebben in de afgelopen tien jaar dan ook niet gekozen om landbouw te studeren. Het Celos gaat daarom samenwerkingen aan met andere instituten. Celos-directeur Soedeshchand Jairam benadrukt dat de samenwerking tussen onderzoekinstituten in Suriname erg belangrijk is. “Het weinige dat je hebt, moet je proberen te verbinden”, stelt hij.
Het Celos beschikt over diverse laboratoria. Zo wordt in het laboratorium voor plantenziektenkunde nagegaan met welke ziektes bepaalde planten te maken hebben, de oorzaken en symptomen gedetecteerd, alsook hoe deze bestreden kunnen worden. In het chemisch laboratorium worden analyses verricht van onder andere water, kwaliteit, grond, bodemgeschiktheid, welke elementen daar voorkomen en de structuur van de grond. In het plantenweefselkundig laboratorium wordt via testcultuur geprobeerd aan plantvermeerdering te doen.
Jairam erkent dat er heel veel te doen is, maar het onderzoeksinstituut heeft niet zoveel middelen en kampt met een tekort aan kader. Daarom wordt geprobeerd interne maatregelen en voorzieningen te treffen, waarbij het Celos haar onderzoekstaak wil optimaliseren. Tegelijkertijd is het instituut bezig met een accreditatieproces. “Want wanneer wij gecertificeerd zijn, kunnen we toegang krijgen tot grote internationale fondsen, waardoor wij ook projecten kunnen uitvoeren”, legt Jairam uit.
“De agrarische sector is een dynamische sector, waarbij je steeds te maken hebt met veranderingen. Tegenwoordig heb je te maken met robotica en AI, waarbij je heel veel gebruik moet maken van data. En daarop moet je natuurlijk ook je productie gaan aanpassen”, aldus de Celos-directeur.