PARAMARIBO - De Commissie van Rapporteurs (CvR), belast met de voorbereiding van de behandeling van de ontwerpwet houdende regels betreffende het toezicht op Virtuele Activa Dienstverleners 2026, heeft zich op woensdag 22 juli 2026

uitgebreid laten informeren door vertegenwoordigers van de Centrale Bank van Suriname (CBvS) en het Ministerie van Financiën en Planning.
De bijeenkomst stond in het teken van de juridische, financiële en toezichthoudende aspecten van de voorgestelde wet, die een belangrijk fundament moet leggen voor de regulering van de snelgroeiende markt van virtuele activa en cryptovaluta in Suriname. Namens de CBvS verzorgde Shakuntala Gangadin-Algoe van het Directoraat Toezicht een presentatie, waarin de inhoud, doelstellingen en wettelijke grondslag van het wetsontwerp nader werden toegelicht. Daarbij werd benadrukt dat de invoering van een wettelijk kader noodzakelijk is om de integriteit, stabiliteit en betrouwbaarheid van de financiële sector te waarborgen, terwijl tegelijkertijd ruimte wordt geboden voor technologische innovatie.
Tijdens de presentatie werd uiteengezet dat de bevoegdheid van de Centrale Bank van Suriname om toezicht uit te oefenen reeds wettelijk is verankerd. Daarbij werd verwezen naar artikel 10 van de Centrale Bankwet 2022, waarin is bepaald dat de CBvS belast is met het microprudentieel toezicht op financiële instellingen. Dit toezicht richt zich onder meer op de corporate governance, de deugdelijkheid van het bestuur en de integriteit van instellingen die actief zijn binnen de financiële sector, waaronder virtuele activa dienstverleners.
Daarnaast is de CBvS op grond van artikel 38 van de Wet ter voorkoming en bestrijding van Money Laundering en Terrorismefinanciering aangewezen als toezichthouder op de financiële sector en aanbieders van virtuele activa. De voorgestelde definitie van het begrip virtuele activa dienstverlener is van toepassing op alle dienstverleners die Surinaamse belangen bedienen en die, ongeacht waar zij geregistreerd of gevestigd zijn, hun diensten fysiek of digitaal via één of meerdere kantoren aanbieden.
Een belangrijk onderdeel van de presentatie betrof FATF-aanbeveling 15, waarin landen worden opgeroepen een passend regelgevend kader te ontwikkelen voor virtuele activa en aanbieders van dergelijke diensten. Volgens de CBvS is de ontwerpwet daarom van groot belang om de zich snel ontwikkelende markt voor virtuele activa op een verantwoorde wijze te reguleren. Hiermee wordt niet alleen beoogd potentiële cliënten beter te beschermen, maar ook de financiële stabiliteit te versterken en risico's, zoals witwassen en terrorismefinanciering, effectief te beheersen. Daarbij staat een zorgvuldig evenwicht tussen technologische innovatie, verantwoord risicobeheer en een stabiel financieel stelsel centraal.
De Commissie van Rapporteurs, onder voorzitterschap van Rabindre Parmessar, ging vervolgens uitvoerig in op de presentatie en stelde diverse vragen over de praktische uitvoerbaarheid van de voorgestelde wet. De commissie wilde onder meer inzicht krijgen in de mate waarin de Centrale Bank in staat zal zijn haar toezichthoudende taak effectief uit te voeren, welke uitdagingen zich daarbij kunnen voordoen en welke maatregelen worden getroffen om een doelmatige en efficiënte uitvoering van de wet te waarborgen.
Verder werd toegelicht dat het wetsvoorstel als doel heeft de ontwikkeling en instandhouding van een gezond financieel- en virtuele-activasysteem te bevorderen. Daarnaast moet de wet bijdragen aan een goede werking van de financiële markten door duidelijke regels vast te stellen voor de toegang tot en de uitoefening van het bedrijf van virtuele activa dienstverleners. De bescherming van de financiële stabiliteit, vormt daarbij een van de belangrijkste uitgangspunten van de voorgestelde wet.