CONGO - De Democratische Republiek Congo en de rebellengroepering M23 hebben een overeenkomst gesloten over het leveren van humanitaire hulp. Ook zullen beide kampen binnen tien dagen gevangenen vrijlaten.

Dat hebben de strijdende partijen bekendgemaakt na gesprekken in Zwitserland. Onder toezicht van internationale vertegenwoordigers zijn de regering en de rebellen het eens geworden over de noodzaak van het toelaten van humanitaire hulp. Daarbij zijn afspraken gemaakt over het veilig afleveren van hulp en de bescherming van burgers. Er is afgesproken dat er geen aanvallen worden uitgevoerd op de voedselvoorziening, zoals gewassen, vee en drinkwatervoorzieningen en op telecommunicatie- en energievoorzieningen, scholen en ziekenhuizen. Daarnaast worden hulpverleners beschermd, hulpkonvooien ingezet en wordt "alles in het werk gesteld" om te voorkomen dat voedselkonvooien worden geplunderd.
Ook zijn er afspraken gemaakt over het naleven van het staakt-het-vuren dat in december werd overeengekomen. "De partijen zijn vastbesloten om het momentum in het vredesproces vast te houden", staat in de verklaring. Het vrijlaten van gevangenen is bedoeld om het vertrouwen te versterken. M23, een groep die wordt gesteund door buurland Rwanda, heeft sinds 2021 grote delen van Oost-Congo veroverd. Begin vorig jaar werden de belangrijke steden Goma en Bukavu ingenomen. In de loop van vorig jaar werden verschillende vredesakkoorden gesloten, van Rwanda met Congo en van Congo met de rebellen van M23. Maar dat leidde niet tot een einde van het conflict. Officieel geldt er sinds juli een wapenstilstand tussen M23 en Congo. (NOS)