CHINA - Geschrapte vluchten, dure brandstof en gesloten restaurants: veel Aziatische landen kampen met de gevolgen van de energiecrisis door de oorlog....

in het Midden-Oosten. In China vallen de gevolgen juist mee. Peking had geanticipeerd op een verstoring van de internationale energiemarkt door een crisis in het Midden-Oosten en heeft fors ingezet op de eigen energieproductie en het aanleggen van reserves. Maar het land heeft meer. Want behalve investeren in groene energie, kan China ook leunen op wat er in de eigen grond zit: steenkool. China is verreweg de grootste verbruiker van steenkool wereldwijd. Nog elk jaar graaft het land meer steenkool op en bouwt het mijnen bij. Dat scheelt nu, al is het de vraag hoe lang steenkool nog een oplossing is.
"China had in 2022 te kampen met stroomuitval", vertelt Gao Yuhe, energiespecialist bij Greenpeace China. Al snel werd in speeches van president en partijleider Xi Jinping ‘energiezekerheid’ een toverwoord. China zou alleen maar meer energie nodig hebben voor de groeiende en technologisch moderniserende economie, dus moest er wat veranderen. "Daarna zijn provinciale overheden begonnen met het goedkeuren en bouwen van meer steenkoolprojecten", zegt Gao. Ook de steeds fellere competitie met Amerika deed Peking het gevaar inzien van de afhankelijkheid van buitenlandse energie. China importeert ongeveer 20 procent van zijn totale energiebehoefte, voornamelijk in de vorm van olie en gas. Dat zijn grondstoffen waarvan China zelf relatief weinig heeft. Anticiperend op een mogelijke energiecrisis heeft China voor zo'n drie maanden aan olie- en gasreserves aangelegd. Ook daardoor wordt het nu minder hard geraakt door de razendsnelle prijsstijgingen dan andere landen. China's grote investeringen in groene energie en technologie moeten niet alleen gelezen worden als het vervullen van klimaatambities, zeggen experts. Want hoewel die ambities groot blijven, staat energiezekerheid op één. (NOS)