ZUID-KOREA - De strafzaak tegen de afgezette Zuid-Koreaanse president Yoon Suk-yeol is maan-dag van start gegaan. De politicus riep in decem-ber een militaire noodtoestand uit en wordt ver-dacht van ondermijning van het politieke systeem.

Yoon ontkent die beschuldiging. Yoon riep begin december de militaire noodtoestand uit en verbood politieke vergaderingen, zoals de debatten in het parlement. Daarmee heeft hij volgens de aanklagers geprobeerd het democratische systeem lam te leggen.
Daar is volgens de oud-president niets van waar. In de rechtbank hield hij vol dat het uitroepen van een noodtoestand niet gelijk staat aan het plegen van een staatsgreep. Yoon wilde naar eigen zeggen met zijn actie aandacht vragen voor het handelen van de oppositie. Die zou zijn regering te veel hebben dwarsgezeten.
Volgens Yoon is het de schuld van zijn bevelhebbers bij het leger dat het uitroepen van de noodsituatie zo uit de hand liep. De politicus had naar eigen zeggen een "vreedzame boodschap van een noodtoestand" willen overbrengen. Die opdracht zou vanwege andere richtlijnen verkeerd zijn geïnterpreteerd door het leger.
Na het besluit van Yoon probeerden Zuid-Koreaanse troepen het parlementsgebouw te bestormen. Parlementariërs en hun medewerkers wisten de militairen ternauwernood buiten de deur te houden, zodat gestemd kon worden over een motie om de militaire noodtoestand terug te draaien. Op dat moment hadden zich bovendien duizenden demonstranten rond het parlementsgebouw verzameld. Ook de partij van Yoon, de conservatieve People Power Party, keurde de noodtoestand af.
Bijna zes uur na het afkondigen van de noodtoestand besloot Yoon deze weer in te trekken. Dat was altijd al de bedoeling, zei de oud-president maandag. "De noodtoestand zou hooguit voor anderhalve dag zijn." (Nu)