De voetbalwereld beleeft mogelijk de laatste grote episode van de legendarische rivaliteit tussen Lionel Messi en Cristiano Ronaldo.

Terwijl beide supersterren hun carrière buiten Europa voortzetten, blijft de strijd om records onverminderd doorgaan. Ditmaal was het Messi die opnieuw van zich liet spreken in de Major League Soccer.
De Argentijnse vedette leidde zijn club Inter Miami CF naar een spectaculaire 5-3 overwinning op FC Cincinnati. Messi nam twee doelpunten en een assist voor zijn rekening in een duel dat bol stond van spanning en spektakel. Toch hing er na afloop ook enige controverse rond zijn optreden. In de slotfase leek Messi zijn hattrick compleet te maken, maar de MLS kende het doelpunt uiteindelijk toe als een eigen doelpunt van Cincinnati-doelman Roman Celentano. De bal belandde via de paal tegen de keeper in het net, waardoor de treffer niet op naam van de Argentijn kwam.
Voor veel supporters voelde dat als een gestolen doelpunt. Zeker in een periode waarin iedere goal van Messi en Ronaldo nauwlettend wordt gevolgd in de jacht op de historische grens van 1000 officiële treffers. Ondanks het afgekeurde doelpunt bracht Messi zijn totaal wel op indrukwekkende hoogte. De wereldkampioen van Argentinië staat nu op 909 doelpunten in 1153 officiële wedstrijden. Ronaldo blijft voorlopig aan de leiding met 973 goals uit 1321 duels. Het verschil bedraagt daardoor nog 62 treffers. De cijfers onderstrepen hoe uitzonderlijk beide spelers zijn geweest in het moderne voetbal. Achter Ronaldo en Messi volgen namen als Josef Bican (805 goals), Romario (772) en Pelé (757). Geen enkele speler van deze generatie is ook maar in de buurt gekomen van de astronomische statistieken van het iconische duo.
Ook op internationaal niveau blijft de rivaliteit overeind. Ronaldo is met 143 interlandgoals nog altijd de meest scorende speler ooit voor een nationaal elftal. Messi volgt met 116 treffers voor Argentinië. (Marca)