PARAMARIBO – De zorgsector in Suriname kampt al jaren met structurele problemen. Volgens minister André Misiekaba van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid (VWA) is de sector de afgelopen jaren versnipperd...

geraakt en is het nu de verantwoordelijkheid van de huidige regering om een duurzaam en geïntegreerd zorgsysteem op te bouwen. Misiekaba, geconfronteerd met de vraag of de aanhoudende problemen, protesten van zorgpersoneel en financiële tekorten niet wijzen op jarenlang bestuurlijk falen binnen de gezondheidszorg, zegt dat voor 2020 er geen grote ontevredenheid bestond binnen de sector, maar dat de staat van de gezondheidszorg bij de regeringswisseling in juli 2025 aanzienlijk slechter was geworden dan vijf jaar eerder. “Wat wij hadden in 2020 was niet perfect, maar het was tientallen malen beter dan wat ik heb aangetroffen toen ik het ministerie overnam in 2025”, zegt hij. Volgens Misiekaba was er destijds sprake van een zorgsysteem dat in ontwikkeling was en waarin verschillende schakels steeds beter op elkaar aansloten.
Hij verwees daarbij naar eerdere inspanningen van beleidsmakers, gezondheidsdeskundigen en maatschappelijke organisaties om te komen tot een geïntegreerde aanpak. Volgens hem is die ontwikkeling in de afgelopen jaren echter stilgevallen, doordat andere beleidskeuzes zijn gemaakt. “Het resultaat is dat we nu een versnipperd systeem hebben. Dat moeten we repareren”, aldus de minister. Een van de hervormingen die hij voorstaat, is een sterkere taakverdeling tussen de ziekenhuizen. Volgens Misiekaba hoeft niet ieder ziekenhuis alle medische specialismen aan te bieden. Hij pleit voor een model waarbij instellingen zich meer specialiseren.
Zo zou het Academisch Ziekenhuis Paramaribo (AZP) bepaalde specialistische zorg kunnen concentreren, terwijl het Sint Vincentius Ziekenhuis (RKZ) zich verder ontwikkelt als centrum voor moeder- en kindzorg. Ook andere ziekenhuizen zouden volgens hem een duidelijk afgebakende rol binnen het nationale zorgsysteem moeten krijgen. De minister erkent dat dergelijke hervormingen gevoelig liggen, maar wijst erop dat veel landen met goed functionerende gezondheidsstelsels vergelijkbare keuzes hebben gemaakt.
Naast organisatorische hervormingen werkt het ministerie aan een meerjarenplan voor de periode 2026-2030. Dat concept is inmiddels voorgelegd aan verschillende organisaties binnen de gezondheidssector, waaronder de Surinaamse Public Health Association, de Pan-Amerikaanse Gezondheidsorganisatie (PAHO) en de Geneeskundige Maatschappij Suriname (GMS). Na verwerking van alle ontvangen feedback wil het ministerie het plan tijdens een nationale bijeenkomst presenteren. De bedoeling is dat het uiteindelijke beleidsdocument breed wordt gedragen door de sector.
Ook de financiering van de gezondheidszorg blijft volgens Misiekaba een van de grootste uitdagingen. Hij wees erop dat het ministerie maandelijks honderden miljoenen SRD uitgeeft aan zorgkosten, exclusief extra uitgaven voor apparatuur, onderhoud en toekomstige looncorrecties. Met een nieuw zorgplan, hervormingen binnen de ziekenhuizen en discussies over een duurzamer financieringsmodel hoopt Misiekaba de basis te leggen voor een gezondheidszorg die volgens hem “beter wordt achtergelaten dan zij is aangetroffen”.