PARAMARIBO – Het Nationaal Coördinatie Centrum voor Rampenbeheersing (NCCR) is voorbereid op mogelijke calamiteiten als gevolg van de aanhoudende regenval in zowel het zuiden...

als noorden van Suriname. Dat benadrukte NCCR-coördinator kolonel Jerry Slijngard tijdens een toelichting op de actuele situatie. Volgens Slijngard bevindt Suriname zich momenteel in de grote regentijd, een periode waarin zware regenval te verwachten is. Het gaat daarbij niet om normale buien, maar om zogeheten stortregens, torrential rains, veroorzaakt door de verplaatsing van de Intertropische Convergentiezone (ITCZ) van zuid naar noord. “De natuur kan ik, kunnen wij, kan de mensheid niet beïnvloeden. We kunnen de regen niet stoppen, maar we kunnen ons wel voorbereiden op de mogelijke effecten daarvan”, aldus de NCCR-coördinator.
De recente wateroverlast in Zuid-Suriname, met name in het Tapanahony- en Coeroeni-gebied, maar ook in delen van Noord-Paramaribo, was voor het NCCR aanleiding om extra informatie met de samenleving te delen. Volgens Slijngard is het van belang dat burgers weten wat zij kunnen doen om zich voor te bereiden op mogelijke overstromingen, zodat schade en ontwrichting van het dagelijkse leven zoveel mogelijk worden beperkt. Na de presentatie van het eerste Situation Report aan president Jennifer Simons gaf het staatshoofd direct opdracht om voorbereidingen te treffen voor eventuele calamiteiten. Mocht de situatie verslechteren en evacuaties noodzakelijk blijken, dan staan opvanglocaties gereed om getroffen bewoners tijdelijk onder te brengen. “We willen de mensen geruststellen dat er voorzieningen zijn en dat zij niet aan hun lot worden overgelaten”, aldus Slijngard.
Het NCCR wijst erop dat de hevige regenval plaatsvindt in een periode waarin normaal gesproken minder neerslag wordt verwacht. Daardoor is de bodem reeds verzadigd geraakt. Elke bijkomende regenbui, zelfs van beperkte omvang, kan hierdoor leiden tot overstromingen. Volgens Slijngard zorgen veranderende klimatologische patronen ervoor dat periodes zich kenmerken door extreme regenval of juist extreme hitte. In de huidige fase overheerst de zware regen. Water dat in het zuiden valt, stroomt geleidelijk af naar het noorden. Dit betekent dat wanneer dorpen in het zuiden te maken krijgen met hoge waterstanden, het water zich later kan verplaatsen en ook noordelijker gelegen gebieden kan treffen.
De NCCR-coördinator zegt op berichten die via sociale media circuleren over mogelijk springtij in het weekend, dat springtij doorgaans samenvalt met volle maan. Volgens informatie van de Meteodienst is bij nieuwe maan geen uitzonderlijke hoogtij te verwachten. Wel kan hevige regenval tijdens eb- en vloedperioden ertoe leiden dat waterstanden hoger blijven dan normaal. Het NCCR blijft de situatie volgen en zal waar nodig aanvullende adviezen verstrekken. Wanneer verhoogde waterstanden leiden tot daadwerkelijke calamiteiten, zal het NCCR optreden om de nood te verlichten en de regering te adviseren over verdere maatregelen.