PARAMARIBO- De lopende interventie om grofvuil op te halen heeft geen landelijk karakter, maar is gericht op specifieke gebieden die volgens

deskundigen een verhoogd risico vormen voor een uitbraak van chikungunya. Dit lichtte gezondheidsminister Andre Misiekaba deze week toe in De Nationale Assemblee (DNA). Deze maatregel maakt deel uit van een pakket preventieve acties, om de verdere verspreiding van de door muskieten overgebrachte ziekte tegen te gaan.
Volgens de minister concentreert het project zich momenteel op wijken waar de omstandigheden gunstig zijn voor de voortplanting van de Aedes-muskiet, de vector die chikungunya overbrengt. “Op dit moment kunnen we niet zeggen dat we grofvuil landelijk ophalen. We zoomen in op de gebieden die door deskundigen worden aangegeven. Als het nodig blijkt om landelijk over te schakelen, zal dat ook gebeuren,” aldus Misiekaba. Hij bevestigde dat de inzet voorlopig beperkt blijft tot locaties waar extra aandacht noodzakelijk wordt geacht.
De gerichte aanpak volgt tegen de achtergrond van een toenemend aantal besmettingen. Inmiddels zijn in Suriname meer dan 130 bevestigde gevallen van chikungunya geregistreerd. Daarbij is één sterfgeval gemeld. Chikungunya veroorzaakt onder meer hoge koorts en ernstige gewrichtspijnen en kan vooral bij kwetsbare groepen leiden tot complicaties.
Het grofvuilophaalproject is primair preventief van aard en moet voorkomen dat afval en stilstaand water fungeren als broedplaatsen voor muskieten. Volgens minister Misiekaba is ook een actieve rol van de samenleving noodzakelijk. Burgers worden opgeroepen hun woonomgeving schoon te houden, stilstaand water te verwijderen en preventieve maatregelen te treffen, zoals het gebruik van muskietengaas.