PARAMARIBO – Een jaar na haar aantreden stelt president Jennifer Simons dat Suriname zich nog volop in een overgangsfase bevindt. Tijdens een persconferentie,...

waarin de regering terugblikte op het eerste regeringsjaar, gaf het staatshoofd aan dat een deel van de beleidsdoelen inmiddels is gerealiseerd, terwijl andere hervormingen meer tijd vergen. Volgens Simons is op verschillende terreinen vooruitgang geboekt, maar blijft er ook nog veel werk te doen. Simons gaf aan tevreden te zijn over de voortgang op diverse beleidsterreinen, maar erkende ook dat niet alle doelstellingen binnen het eerste jaar zijn behaald. Zo had de regering zich voorgenomen de communicatie met de samenleving aanzienlijk te verbeteren. "Dat is helaas nog niet gelukt zoals wij dat hadden gewild”, stelde de president. Zij benadrukte dat hier de komende periode extra aandacht aan zal worden besteed.
Ook de decentralisatie van het bestuur verloopt langzamer dan gepland. Volgens Simons bevindt de benodigde wetgeving zich nog in voorbereiding en verwacht de regering dat deze in de loop van volgend jaar gereed zal zijn. Daarmee moet meer bestuurlijke verantwoordelijkheid worden overgedragen aan de verschillende districten.
Op het gebied van natuurbescherming erkende de president dat er nog aanzienlijke tekortkomingen bestaan binnen de huidige systemen. Zij sprak van "behoorlijke gaten" in het beleid en toezicht op het milieu. Inmiddels is volgens haar gestart met het herstellen van deze tekortkomingen, zodat natuurgebieden beter beschermd kunnen worden tegen aantasting.
Een belangrijk aandachtspunt blijft het grondenvraagstuk. Simons gaf aan dat de regering vergevorderd is met een staatsbesluit dat de woon- en leefgebieden van inheemse en tribale gemeenschappen moet beschermen. Echter, het ontwerp gaat verder dan alleen de bescherming van deze gebieden. Ook beschermde bossen, de oorsprong en bovenloop van rivieren zullen onder het nieuwe beleid vallen. Daarmee wil de regering kwetsbare natuurgebieden beter beschermen tegen onder meer de negatieve gevolgen van goudwinning.
Economisch kijkt de president met tevredenheid terug op het eerste regeringsjaar. Zij stelde dat het voornemen om een prudent financieel beleid te voeren, waardoor de economie stabiel blijft en ruimte krijgt voor verdere ontwikkeling, "tot vandaag zeer goed is gelukt." Simons wees erop dat de zogenoemde primary balance – een belangrijke indicator voor de financiële positie van de overheid – bij de start van haar regering nog negatief was, maar inmiddels positief is geworden. Volgens haar is dit mede bereikt door schuldherschikkingen, waardoor de druk op de staatsfinanciën is verminderd.
De verbeterde financiële situatie heeft het volgens de president mogelijk gemaakt om de bevolking een beperkte inflatiecompensatie toe te kennen en het minimumuurloon enigszins te verhogen. Zij benadrukte dat de regering ook de komende jaren zal blijven werken aan financiële stabiliteit en economische groei.
Op het terrein van de rechtsstaat is inmiddels begonnen met de modernisering van verschillende wetten. Simons sprak de verwachting uit dat meerdere wetsvoorstellen nog deze maand door De Nationale Assemblée kunnen worden behandeld en aangenomen, nadat de discussie over de honorering van bepaalde functionarissen is afgerond. Daarnaast komt er een bestuur voor het Openbaar Ministerie, dat onder voorzitterschap zal staan van de procureur-generaal. Met het oog op de toekomstige olie- en gasinkomsten kondigde de president aan dat het Spaar- en Stabiliteitsfonds opnieuw wordt aangepast. Het fonds, dat oorspronkelijk in 2017 werd ingesteld en in 2024 werd herzien, zal worden uitgebreid met een investeringsdeel en een sociaal fonds. Volgens Simons zullen de middelen uit dit sociale deel onder meer worden ingezet voor investeringen in de gezondheidszorg en woningbouw, zodat ook toekomstige generaties kunnen profiteren van de verwachte inkomsten uit de olie- en gassector.