PARAMARIBO - Tijdens een seminar gehouden in het Radisson Hotel te Paramaribo op vrijdag 17 april, zijn vertegenwoordigers van Suriname,...

Brazilië, Frankrijk en Guyana bijeengekomen om te praten over de gevolgen van de illegale goudwinning in het Guyanaschild. Conclusie van het seminar was dat de problemen bekend zijn en dat het nu tijd is om gepaste maatregelen te treffen, zodat de negatieven gevolgen van deze mijnbouwactiviteit worden beperkt.
Ambassadeur Nicolas de Lacoste zei tijdens een persconferentie aan het eind van het seminar, dat voor wat betreft de Fransen al ernstige pogingen worden ondernomen om een eind te brengen aan de vervuiling en alle andere criminele activiteiten die gepaard gaan met illegale mijnbouw. Maar dat er met Suriname een grensissue is die snel moet worden opgelost om een eind te maken aan de onzekerheid die heerst onder de bevolking. “Wij denken dat de Marowijne een prachtig gebied is en dat zo moet blijven. Het moet niet veranderen in een maanlandschap en een bron van verschillende vormen van criminaliteit. Sinds maart 2021 bestaat er een grensovereenkomst tussen de twee landen. Ik roep hierbij het Surinaams parlement op om deze overeenkomst zo spoedig mogelijk te ratificeren.” De Lacoste wees erop dat het vaststellen van de grenslijn tussen Suriname en Frans-Guyana zal helpen om duidelijke regels voor beide partijen vast te stellen.
Patrick Brunings, minister van Olie, Gas en Milieu, praat van een complex probleem. “Wij willen een gebied markeren waarin nieuwe technologieën worden geïntroduceerd. Een gebied waarin wij goed kunnen monitoren en de illegale goudzoekers kunnen overtuigen dat er andere technieken zijn die niet verwoestend zijn voor de natuur. Dit gebied kunnen wij tot een voorbeeld maken en tonen dat wij aan andere vormen van goudwinning kunnen doen. De oplossingen zijn er al. Maar er is ook nog de issue en die is dat de oplossing van dit vraagstuk via minimaal vijf ministeries loopt. En daarnaast moeten wij ook de tribale volken en inheemsen betrekken. De laatstgenoemden merken het meest de gevolgen van de goudwinning, maar zij weten ook wat de oplossing van het probleem is en hoe ze kunnen meehelpen. De partnerships zij er al. Maar zij moeten uitgroeien. Ik zie een traject waarin de problemen worden opgelost. Er zullen een aantal moeilijke besluiten genomen worden, maar die moeten. Nu kunnen wij het tij nog keren, maar binnen korte tijd is het te laat.”
Preciosa Simons, directeur Mijnbouw van het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen zegt dat vanaf 2006 het ministerie getracht heeft om op te treden. “Het is toen niet gelukt, omdat de communicatie met de mensen in het binnenland niet zo vlot verliep. Er zijn alternatieve methodes om te werken. Dus het ministerie zit niet stil en er is eerder contact geweest met de andere ministeries. Met name wanneer het gaat om de illegalen die wij het liefst uit de illegaliteit halen. Dit is nooit goed van de grond gekomen, omdat wij de financiën niet kregen. Wij zijn dus bezig, maar het gaat niet zoals het moet.”