WASHINGTON - De Amerikaanse president Donald Trump heeft donderdag de Secret Service-bescherming van voormalig vicepresident Kamala Harris ingetrokken.
Dat blijkt uit een brief die CNN kon inkijken. Volgens de wet hebben ex-vicepresidenten recht op zes maanden bescherming door de Secret Service. Voor Harris liep die periode af op 21 juli. Haar bescherming was echter met een jaar verlengd via een vertrouwelijke richtlijn die voormalig president Joe Biden vlak voor zijn vertrek tekende. Die verlenging heeft Trump nu geannuleerd.
De intrekking komt er kort voor Harris op 23 september haar boek '107 Days' uitbrengt en een promotietournee start. Daarmee zal ze opnieuw vaker in de publieke belangstelling staan. Harris verscheen sinds haar mislukte presidentscampagne vorig jaar nog maar sporadisch in het openbaar. Een adviseur van Harris bedankte de Secret Service voor de “professionaliteit en toewijding” van de afgelopen jaren. Democratische politici uit Californië reageerden verbolgen. Gouverneur Gavin Newsom en burgemeester Karen Bass van Los Angeles spraken van een “gevaarlijke” en “politiek gemotiveerde” beslissing.
De bescherming van Harris’ echtgenoot Doug Emhoff liep al op 21 juli af. Ook de woning van Harris in Los Angeles verliest nu de federale bewaking. Lokale autoriteiten bekijken volgens CNN mogelijke alternatieven. Secret Service-bescherming omvat niet enkel lijfwachten, maar ook voortdurende dreigingsanalyses en toezicht op digitale communicatie. Bronnen rond Harris vrezen dat ze met het wegvallen van de federale beveiliging gevoeliger wordt voor bedreigingen. Harris was de eerste vrouw en eerste zwarte vrouw die vicepresident werd, wat haar volgens veiligheidsadviseurs extra kwetsbaar maakte. CNN merkte op dat de beslissing van Trump volgt na eerdere stappen waarbij hij ook de veiligheidsmachtiging van politieke tegenstanders introk. (HLN/Reuters)