CONGO - Verschillende gewapende groepen in de Democratische Republiek Congo zijn ondanks de ebola-uitbraak nog steeds met elkaar in gevecht.

Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) maken de gevechten het werk van zorgverleners zeer lastig. In Congo heerst al decennialang rebellengeweld. Volgens WHO-directeur Tedros Adhanom Ghebreyesus zorgt het aanhoudende geweld in het oosten van Congo ervoor dat het werk van zorgverleners en pogingen om de ebola-uitbraak terug te dringen "dramatisch" worden belemmerd. Tedros roept alle strijdende partijen op onmiddellijk een staakt-het-vuren af te spreken. "Het oosten van Congo wordt geconfronteerd met een catastrofale combinatie van ziekte en conflict, doordat de ebola-uitbraak in de provincie Ituri sneller om zich heen grijpt dan de respons daarop”, schrijft Tedros op X. "Het tegengaan van de verspreiding van ebola hangt volledig af van de toegang die zorgverleners krijgen." "Voortdurende gevechten zorgen ervoor dat mensen massaal op de vlucht slaan, waardoor mensen die contact hebben gehad met ebola in overbevolkte kampen terechtkomen", vervolgt Tedros. Volgens de WHO vallen rebellen ook zorginstellingen aan. De WHO heeft op dit moment tien doden door ebola in Congo bevestigd, maar mogelijk zijn sinds deze maand in totaal al 220 Congolezen aan de ziekte overleden. Naar schatting zijn momenteel negenhonderd mensen besmet met het virus: een sterftecijfer heeft van ongeveer 50 procent. (Nu)