PARAMARIBO – Het ministerie van Jeugdontwikkeling en Sport (JOS) maakt 750 jongeren tussen 16 en 25 jaar klaar voor een tien dagen durend vakantiewerktraject.

Het programma moet hen niet alleen tijdelijke werkervaring bieden, maar vooral vaardigheden bijbrengen die volgens het ministerie noodzakelijk zijn voor hun toekomstige positie op de arbeidsmarkt. De voorbereiding is dinsdag 25 augustus begonnen met teach-ins voor jongeren uit Wanica, Saramacca, Commewijne en Coronie. Zij worden getraind in onder meer communicatie, samenwerking, leiderschap en probleemoplossend denken. Jongeren uit de overige districten volgen donderdag en vrijdag hun training. Daarna ondertekenen de deelnemers een contract en ontvangen zij het reglement waaraan zij zich tijdens het traject moeten houden. Het officiële vakantiewerkprogramma start maandag 31 augustus in alle tien districten. De deelnemers worden in twee groepen verdeeld. De tweede groep begint nadat de eerste groep het traject van tien werkdagen heeft afgerond. Het vakantiewerkgelegenheidsproject maakt deel uit van het GRO-vakantieprogramma (Groei Richting Ontwikkeling) van JOS en wordt uitgevoerd in samenwerking met het directoraat Openbaar Groen en Afvalbeheer (OGA). De jongeren worden ingezet bij opvanginstellingen en bij het opruimen van zwerfvuil op straat. Volgens Milton Tuart, onderdirecteur Jeugdcentra van JOS, ligt de nadruk nadrukkelijk op meer dan alleen het verschaffen van een tijdelijke baan. “Dat is wat de arbeidsmarkt straks van ze gaat vragen”, zegt hij over de vaardigheden die tijdens het traject worden ontwikkeld. De belangstelling voor het project blijkt groter dan het aantal beschikbare plaatsen. Volgens Tuart hebben zich meer dan duizend jongeren geregistreerd, terwijl het ministerie ruimte had voor 750 deelnemers. Bij de selectie werd onder meer als voorwaarde gesteld dat jongeren tussen 16 en 25 jaar oud en schoolgaand zijn. De deelnemers werken dagelijks van 08.00 tot 13.00 uur en ontvangen SRD 400 per dag. Aan het einde van het traject komt de totale vergoeding neer op SRD 4.360 per jongere. De overheid heeft SRD 4 miljoen uitgetrokken voor de uitvoering van het programma.
Bij de selectie is dit jaar ook rekening gehouden met de bereikbaarheid van woongebieden. In afgelegen gebieden kan vervoer een probleem vormen en is niet overal voldoende begeleiding beschikbaar. Om jongeren uit het binnenland toch kansen te bieden, zijn clusters gevormd. Ook jongeren uit onder meer Boven-Suriname, Apoera en Boven-Tapanahony zijn geselecteerd.Tuart benadrukt dat het project jongeren daarnaast bewust wil maken van hun verantwoordelijkheid voor de samenleving. Door zwerfvuil op te ruimen en zich in te zetten bij sociale instellingen, moeten zij ervaren dat zij zelf een positieve bijdrage kunnen leveren aan hun omgeving. Het programma moet daarmee niet alleen werkervaring opleveren, maar ook verantwoordelijkheid en vaderlandsliefde versterken.