FIFA-voorzitter Gianni Infantino heeft zijn omstreden plan om een belang in het WK voetbal te verkopen aan private investeerders ingetrokken.

De koerswijziging volgt na hevige kritiek vanuit de internationale voetbalwereld en de dreiging van een boycot door de Europese voetbalbond UEFA.
Infantino had voorgesteld een bedrijf met een waarde van USD 20 miljard op te richten waarin de commerciële rechten van onder meer de WK's en WK voor clubs zouden worden ondergebracht. Twintig procent van dat bedrijf zou in handen komen van private investeerders. Onder de beoogde investeerders bevond zich een investeringsmaatschappij van Joshua Kushner, de broer van Jared Kushner, schoonzoon van de Amerikaanse president Donald Trump.
In een verklaring maakte Infantino vrijdagavond bekend dat het voorstel definitief van tafel is. Volgens hem heeft hij geluisterd naar de uiteenlopende standpunten en is gebleken dat het plan voor te veel verdeeldheid zorgde. "Het project dient daarom niet langer het doel waarvoor het oorspronkelijk bedoeld was," aldus de FIFA-preses.
De druk op Infantino nam snel toe. Voormalig voorzitter van de Amerikaanse voetbalbond Carlos Cordeiro trad af als adviseur van de FIFA-president uit protest. Ook FIFA-operationeel directeur Kevin Lamour uitte ongekend harde kritiek. Hij stelde dat medewerkers onvoldoende waren geïnformeerd over de plannen en noemde het "het project van één persoon", dat niet mocht doorgaan.
UEFA besloot donderdag met haar 55 aangesloten bonden alle FIFA-competities, waaronder het WK, te boycotten als het plan zou worden doorgezet. Volgens de Europese bond zijn "sommige zaken simpelweg te belangrijk om te verkopen". Daarna spraken ook de Aziatische voetbalbond en Concacaf, de bond voor Noord-, Midden-Amerika en het Caribisch gebied, zich uit tegen het voorstel. (FS)