PARAMARIBO – De strijd tegen marien zwerfafval in Suriname begint steeds meer concrete resultaten op te leveren. Tijdens de Jaar 2 Project Update Bijeenkomst van het regionale PROMAR-project (Prevention of Marine Litter in the Caribbean Sea) zijn deze week belangrijke mijlpalen gepresenteerd, variërend van grootschalige schoonmaakacties en nieuwe onderzoeksinstrumenten tot de verdere ontwikkeling van beleid dat producenten verantwoordelijk moet maken voor hun afval.

De bijeenkomst, georganiseerd door het Green Heritage Fund Suriname (GHFS) in samenwerking met het ministerie van Olie, Gas en Milieu (OGM), bracht vertegenwoordigers van de overheid, het bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen bijeen. Centraal stond de vraag hoe Suriname de groeiende stroom plastic- en ander zwerfafval beter kan beheersen voordat deze uiteindelijk in rivieren en de zee terechtkomt.
Minister Patrick Brunings van Olie, Gas en Milieu benadrukte dat mariene vervuiling veel verder gaat dan alleen een milieuprobleem. Volgens hem raakt de problematiek ook de biodiversiteit, voedselzekerheid en klimaatweerbaarheid van het land. “De aanpak van marien zwerfafval begint niet aan de kust, maar bij een goed functionerend afvalbeheersysteem, verantwoord consumptiegedrag en beleid dat gebaseerd is op betrouwbare data”, stelde de bewindsman.
Een van de meest tastbare resultaten van het afgelopen projectjaar is de verwijdering van duizenden kilo’s afval uit het milieu via verschillende schoonmaakcampagnes, waaronder activiteiten in het kader van World Cleanup Day. Volgens projectcoördinator Cheyenne Samson bestaat bijna de helft van het ingezamelde afval uit plastic. Die constatering bevestigt volgens haar de noodzaak van gerichte maatregelen tegen plasticvervuiling, een probleem dat wereldwijd steeds grotere proporties aanneemt.
Naast de opruimacties heeft PROMAR ook ingezet op preventie. Op de Centrale Markt, de Vreedzaammarkt en in Leonsberg zijn pilotprojecten uitgevoerd waarbij extra afvalbakken werden geplaatst en bewustwordingscampagnes werden gehouden. Het doel is inwoners en bezoekers te stimuleren hun afval op een verantwoorde manier weg te gooien en zo zwerfafval bij de bron te verminderen. De effecten van deze maatregelen worden momenteel gemonitord.
Een belangrijke stap richting een meer professionele aanpak van het probleem is de introductie van Standaard Werkprocedures (SWP’s) voor zwerfafvalonderzoek en de lancering van een Nationale Online Zwerfafvaldatabase. Hierdoor kunnen organisaties die schoonmaakacties uitvoeren niet alleen afval opruimen, maar ook waardevolle gegevens verzamelen over soorten afval, aantallen en de herkomst van producten.
Die informatie moet beleidsmakers, onderzoekers en maatschappelijke organisaties helpen om afvalstromen beter in kaart te brengen en gerichtere maatregelen te ontwikkelen. Tijdens de bijeenkomst werden zowel de werkprocedures als de database officieel overgedragen aan de Nationale Milieu Autoriteit (NMA).
Ook de ontwikkeling van Extended Producer Responsibility (EPR) kreeg ruime aandacht. Dit systeem verplicht producenten om meer verantwoordelijkheid te nemen voor de afvalfase van hun producten en verpakkingen. Hoewel verschillende bedrijven momenteel al vrijwillig bijdragen aan afvalinzameling en recycling, werken de projectpartners aan een sterker wettelijk kader om deze verantwoordelijkheid structureel te verankeren.
Suriname werkt binnen PROMAR bovendien nauw samen met andere Caribische landen. Via kennisuitwisseling en regionale samenwerking wordt gezocht naar gezamenlijke oplossingen voor een probleem dat landsgrenzen overstijgt. Voor het derde projectjaar staan nieuwe afvalonderzoeken, bewustwordingscampagnes, World Cleanup Day-activiteiten en verdere ondersteuning bij EPR-wetgeving op de agenda. Daarnaast zal de nationale afvaldatabase verder worden uitgebreid.