PARAMARIBO – De Vereniging van Inheemse Dorpshoofden in Suriname (VIDS) heeft maandag opnieuw fel bezwaar gemaakt tegen de Wet Bescherming Woon- en Leefgebieden.

De organisatie stelt dat de wet de collectieve rechten van inheemse volken onvoldoende beschermt en zelfs een stap terug betekent in de erkenning van hun grondenrechten. De VIDS overhandigde maandag tijdens een bijeenkomst op het Kabinet van de President de resoluties van haar miniconferentie aan de presidentiële vertegenwoordiging. In de resoluties zijn de bezwaren en besluiten van de inheemse dorpshoofden vastgelegd.
Volgens de VIDS wordt met de wet opnieuw vastgehouden aan een koloniale gedachte waarbij de staat kan bepalen over welke gebieden inheemse gemeenschappen mogen beschikken. “We kunnen niet akkoord gaan met een teruggang in plaats van vooruitgang”, luidt de mening van de organisatie. Een belangrijk bezwaar is dat de inheemse gemeenschappen niet weten welke gebieden uiteindelijk formeel zullen worden vastgesteld. De VIDS zegt daarom niet te kunnen beoordelen of instemmen met een staatsbesluit waarvan de inhoud nog onbekend is.
De organisatie vreest bovendien dat de wet ertoe leidt dat historische en voorouderlijke gebieden worden gereduceerd tot kleine beschermde zones, terwijl gebieden daarbuiten opnieuw beschikbaar kunnen komen voor derden. Daarmee zouden rechten van derden volgens de VIDS feitelijk zwaarder wegen dan de collectieve rechten van inheemse volken. Ook het beginsel van Free, Prior and Informed Consent (FPIC) biedt volgens de organisatie onvoldoende bescherming. De VIDS wijst daarbij op eerdere milieuschade en op conflicten rond goudwinning en zandafgravingen. De VIDS benadrukt dat wettelijke bescherming zonder effectieve controle en handhaving onvoldoende is. Wat volgens de organisatie nodig is, is wettelijke erkenning van collectieve rechten en volledige uitvoering van het Kaliña- en Lokono-vonnis van het Inter-Amerikaans Hof voor de Rechten van de Mens. De vereniging doet daarom een dringend beroep op president Jennifer Simons om de wet niet af te kondigen. “Onze strijd gaat niet alleen over grond. Het gaat over ons leven, onze rechtvaardigheid, gelijkheid, natuur en de toekomst van Suriname”, aldus de VIDS. Vanuit het kabinet werd aangegeven dat het vraagstuk complex is, maar dat verdere gesprekken met de werkgroep mogelijk moeten blijven. De president zou volgens haar vertegenwoordiging de intentie hebben om de kwestie van de grondenrechten aan te pakken.