PARAMARIBO – Het aantal chikungunya-besmettingen in Suriname is verder opgelopen tot 509 gevallen, verspreid over vijf districten.

Dat bevestigde minister André Misiekaba van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid woensdag. Tegelijkertijd blijkt dat de bestrijding van de uitbraak wekenlang werd bemoeilijkt door een openstaande schuld van SRD 22,8 miljoen bij de Pan-Amerikaanse Gezondheidsorganisatie (PAHO), waardoor essentiële chemicaliën niet konden worden geleverd.
“Het aantal stijgt verder”, aldus de minister, die aangeeft dat een nieuwe rapportage die hij donderdag verwacht meer details moet geven over de actuele situatie. Hij riep op tot kalmte en waarschuwde tegen onnodige paniek. “We hebben geen ‘rampgebieden’, zoals in het parlement werd gesuggereerd. Laten we alsjeblieft niet opruien”.
Toch is de realiteit dat de praktische aanpak van de uitbraak vertraging heeft opgelopen. Voor het bespuiten van gebieden tegen de mug die chikungunya verspreidt, zijn specifieke chemicaliën nodig. Die moeten ruim van tevoren worden besteld via een speciaal PAHO-fonds dat werkt als een kredietlijn. Maar door de forse betalingsachterstand kon Suriname tijdelijk geen nieuwe bestellingen plaatsen.
“Vanwege die schuld konden wij geen medicamenten en chemicaliën meer krijgen”, gaf Misiekaba toe. Ongeveer een maand geleden werd een betalingsregeling getroffen en inmiddels is de laatste tranche afgelost. Daarmee is de weg vrijgemaakt om opnieuw bestellingen te plaatsen. Die zijn inmiddels gedaan, maar de levering laat nog op zich wachten.
De situatie wordt verder bemoeilijkt door logistieke obstakels. Zowel Brazilië als Barbados heeft toegezegd Suriname te willen helpen met bestrijdingsmiddelen, waaronder chemicaliën die muggenlarven doden. Maar het transport blijkt een struikelblok. De nationale luchtvaartmaatschappij mag dergelijke middelen niet vervoeren, waardoor alternatieve routes moeten worden gezocht.
“Wij hebben iedereen gemobiliseerd die iets weet van het vervoeren van dit soort spullen”, zei de minister. PAHO ondersteunt bij het zoeken naar oplossingen, en er wordt onder meer gekeken of luchtvaartmaatschappij COPA kan bijspringen. Tot nu toe zijn de middelen echter nog niet in Suriname aangekomen.
Zonder de benodigde chemicaliën kan het Bureau voor Openbare Gezondheidszorg (BOG) niet starten met grootschalige bespuitingen. “Zolang de middelen er niet zijn, kunnen we niet beginnen”, aldus Misiekaba. In de tussentijd doet het ministerie een dringend beroep op burgers om preventieve maatregelen te nemen, zoals het verwijderen van stilstaand water rond woningen.
Voor de toekomst wil Misiekaba voorkomen dat Suriname opnieuw in een dergelijke situatie belandt. Dat betekent volgens hem tijdig bestellen van chemicaliën en structurele preventie, waaronder het regelmatig ophalen van grofvuil. “Het ophalen van grofvuil moet niet afhankelijk zijn van een griepseizoen”, stelde hij. Volgens de minister moet de overheid hierin structureel verantwoordelijkheid nemen, met een duidelijk schema en betere communicatie met de samenleving. Voorlopig blijft de strijd tegen chikungunya echter afhankelijk van middelen die nog onderweg zijn, terwijl het aantal besmettingen blijft oplopen.