PARAMARIBO – De plannen voor de bouw van de brug over de Corantijnrivier lijken opnieuw in een beginfase te zijn beland.
Waar de vorige regering stelde dat de voorbereidingen vergevorderd waren en het streven zelfs was om de eerste paal nog vóór de verkiezingen van 25 mei te slaan, blijkt de huidige regering onder leiding van president Jennifer Geerlings-Simons niet op de hoogte te zijn van de gemaakte afspraken. De toekomst van het project blijft daarmee onzeker, ondanks het belang ervan voor de regionale verbindingen en handelsstromen tussen Suriname en Guyana.
Volgens de vorige regering onder leiding van Chandrikapersad Santokhi zou er reeds een overeenkomst zijn gesloten met de China Road and Bridge Corporation (CRBC) voor de bouw van de brug, met een geraamde investering van 236 miljoen Amerikaanse dollar. Guyana had zijn aandeel van 118 miljoen dollar al in de staatsbegroting opgenomen, maar Suriname niet. Minister Stephan Tsang van Openbare Werken en Ruimtelijke Ordening zegt van zijn voorganger, Riad Nurmohamed, geen informatie over het project te hebben ontvangen. Ook in de Raad van Ministers is het dossier niet aangetroffen, noch is het sinds 2020 opgenomen in de nationale begroting. De nieuw aangetreden regering beschikt bovendien niet over gegevens van enige tender.
Hoewel CRBC aangeeft bereid te zijn het project uit te voeren, geeft minister Tsang aan dat de brug momenteel geen prioriteit heeft voor het Kabinet-Simons. Volgens hem is de timing ongunstig, ondanks het feit dat de plannen al sinds 2012 bestaan. Hij erkent wel gesprekken te hebben gevoerd met een CRBC-delegatie, maar benadrukt formeel niet op de hoogte te zijn geweest dat het bedrijf de tender zou hebben gewonnen.
Blijf up to date met het laatste nieuws. Klik hier: https://wa.me/5978813270 (App ‘Latest News’)