OEKRAÏNE - De Oekraïense luchtafweer wist vanwege een tekort aan luchtafweerraketten vannacht slechts een van de 27 afgevuurde Russische ballistische raketten neer te halen.

Dat onderstreept volgens president Volodymyr Zelensky hoe hard Oekraïne nieuwe Patriot-raketten nodig heeft. Kiev was in de nacht van vrijdag op zaterdag opnieuw het doelwit van een Russische raketaanval. De schade in de Oekraïense hoofdstad was fors: op meerdere plekken in de stad braken grote branden uit. Negen mensen kwamen om het leven, tientallen anderen raakten gewond. Het is de derde grote aanval op Oekraïne in iets meer dan een week tijd. Woensdag vuurde Rusland zeventig raketten af op doelen door heel Oekraïne, met zeker acht doden tot gevolg. Vrijdag vielen er tien doden en honderd gewonden bij een grote Russische aanval op een Oekraïense defensiebijeenkomst. De recentste aanval laat zien dat het Oekraïense leger steeds minder goed in staat is om de massale Russische raketaanval het hoofd te bieden. Het lukte vannacht om slechts één ballistische raket neer te halen. President Zelensky wijt dit aan een groot tekort aan luchtafweerraketten die Oekraïense steden enigszins veilig moeten houden. Lange tijd haalde Kiev deze raketten met Europees geld uit de Verenigde Staten, maar door de oorlog in het Midden-Oosten is er een enorm tekort ontstaan. De Amerikanen hebben in een paar maanden tijd twee derde van hun voorraad Patriot-luchtafweerraketten verbruikt. (Nu)