NEDERLAND - Nederland mengt zich in de genocidezaak die Zuid-Afrika tegen Israël startte in 2023.

Op die manier wil Nederland bijdragen aan een "consistente uitleg" van het Genocideverdrag, laat het ministerie van Buitenlandse Zaken weten in een verklaring. Nederland heeft woensdag een zogenoemde verklaring tot interventie ingediend bij het Internationaal Gerechtshof (ICJ). Staten hadden tot donderdag de tijd om zich aan te sluiten. Eerder steunden Colombia, Mexico, Spanje, Turkije, de Malediven, Ierland, Brazilië en België de aanklacht al.
Het ministerie van Buitenlandse Zaken spreekt nadrukkelijk niet van het 'aansluiten' bij de zaak. Derde staten mogen dat ook niet volgens de regels van het ICJ. Nederland wil bijdragen aan een "consistente uitleg" van het Genocideverdrag, laat het ministerie weten in een verklaring. "Ook willen we hiermee bijdragen aan de bevordering van het internationaal recht en het tegengaan van straffeloosheid." In de verklaring staat dat gedwongen verplaatsingen een onderdeel van genocide kunnen zijn. Dergelijke verplaatsingen kunnen "leiden tot, of neerkomen op, het opleggen van omstandigheden aan een groep die gericht zijn op het fysiek vernietigen van deze groep". Daarmee geeft Nederland volgens het ministerie zijn juridische interpretatie over (delen) van het Genocideverdrag. Het heeft geen betrekking op de situatie in Gaza zelf, vult de woordvoerder aan.
Zuid-Afrika daagde Israël in december 2023 voor het Gerechtshof voor het schenden van het Genocideverdrag. De aanklacht bestaat voor een belangrijk deel uit de schade die het Israëlische leger (IDF) heeft aangericht in de Gazastrook. Het ICJ is het hoogste gerechtelijke orgaan van de Verenigde Naties. Het is - net als het Internationaal Strafhof (ICC) - gevestigd in Den Haag en houdt zich - anders dan het Internationaal Strafhof - bezig met rechtsgeschillen tussen staten. (Nu)